Onfeilbaarheid vereist niet dat de logia Jesu (de uitspraken van Jezus) de ipsissima verba (de exacte woorden) van Jezus bevatten, maar alleen de ipsissima vox (de exacte klank van zijn stem) Dit punt is sterk verwant met wat we hiervoor zeiden over historische nauwkeurigheid. Wanneer een nieuwtestamentische schrijver de uitspraken van Jezus citeert, hoeft Jezus niet noodzakelijk deze exacte woorden gebruikt te hebben. Natuurlijk zijn de exacte woorden van Jezus in het Nieuwe Testament te vinden, maar zijn woorden hoeven niet in alle gevallen exact te zijn weergegeven.
Veel van Jezus’ uitspraken waren Aramees en moesten dus vertaald worden naar het Grieks. Bovendien, zoals hierboven vermeld, beschikten de nieuwtestamentische schrijvers niet over de literaire conventies die wij tegenwoordig gebruiken. Vandaar dat we onmogelijk kunnen weten welke van zijn uitspraken rechtstreekse citaten zijn, welke in de indirecte rede staan, en welke zelfs nog vrijer zijn weergegeven. (Osborne, RCGC, 83-85) Het zou pas een bedreiging zijn voor de onfeilbaarheid wanneer de strekking van de woorden die de schrijvers aan Jezus toeschrijven niet is zoals Hij die bedoelde, of wanneer Jezus’ exacte woorden zo worden weergegeven dat ze een andere strekking krijgen dan door Hem bedoeld.
Een voorbeeld van Gods verlangen om een accurate betekenis aan ons over te brengen (in plaats van puur mechanisch nauwkeurige termen) is het feit dat Hij ons vier evangeliën gaf. De kleine variaties in Jezus’ woorden helpen ons feitelijk om de juiste, door Hem bedoelde, betekenis te vatten. Als elke schrijver simpelweg de anderen had nagepraat, zou de tekst nauwkeurig zijn, maar had de betekenis verkeerd opgevat kunnen worden.



