4D. Wat staat er in de rollen?

Het is niet mogelijk om hier de meer dan achthonderd handschriften die door de rollen vertegenwoordigd worden, na te gaan. Daarom volgt hier een selectie uit de teksten die de afgelopen veertig jaar bestudeerd zijn, waaronder het merendeel van de oude werken waarop de rollen gebaseerd waren en de onlangs gepubliceerde teksten van grot 4. Deze teksten zijn onder te brengen in verschillende categorieën: Bijbelteksten, Bijbelcommentaren, sektarische teksten, en pseudo-epigrafische teksten, apocalyptische teksten en mystieke of rituele teksten. (Price, SDSS, 86)


Grot 1:

Grot 1 werd ontdekt door de Arabische herdersjongen. Hij haalde er zeven min of meer complete rollen en enkele fragmenten uit:

Jesaja A (1QJes a): De Jesajarol van het Sint-Markusklooster is een eenvoudige kopie met talrijke correcties boven de regels en in de kantlijn. Het is het oudste bekende exemplaar van een compleet Bijbelboek.

Jesaja B ( 1QJes b): De Jesajarol van de Hebreeuwse Universiteit is niet volledig, maar de tekst ervan komt meer overeen met de Masoretische tekst dan Jesaja A.


Andere fragmenten uit grot 1:

Deze grot leverde ook gedeelten van Genesis, Leviticus, Deuteronomium, Rechters, Samuël, Jesaja, Ezechiël, Psalmen en een aantal niet Bijbelse werken waaronder Henoch, de Uitspraken van Mozes (voorheen onbekend), Jubileeën, het Boek van Noach, het Testament van Levi, Tobit en de Wijsheid van Salomo. Een interessant fragment, Daniël 2:4, (waar de taal van Hebreeuws overgaat op Aramees) is ook uit deze grot afkomstig, evenals fragmenten van commentaren op de Psalmen, Micha en Zefanja.


Grot 2:

Grot 2 werd ontdekt en leeggestolen door Bedoeïenen. Hij werd onderzocht in 1952. Hier werden gedeelten van zo’n honderd handschriften, waaronder twee van Exodus, een van Leviticus, vier van Numeri, twee of drie van Deuteronomium, een van resp. Jeremia, Job en de Psalmen, en twee van Ruth, gevonden.


Grot 4:

Grot 4 werd na geplunderd te zijn door Bedoeïenen doorzocht in september 1952, en bleek de meest productieve grot van allemaal te zijn. Letterlijk duizenden fragmenten werden gekocht van de Bedoeïenen of ontdekt door archeologen die het stof op de bodem van de grot uitkamden. Deze snippers vertegenwoordigen honderden handschriften, waarvan er bijna vierhonderd geïdentificeerd zijn. Ze bevatten honderd exemplaren van Bijbelboeken – alle oudtestamentische boeken behalve Ester.

Een fragment van Samuël uit grot 4 (4QSam b) wordt verondersteld het oudste stukje Bijbels Hebreeuws te zijn. Het dateert uit de derde eeuw v. Chr. Er zijn ook wat fragmenten van commentaren op de Psalmen, Jesaja en Nahum gevonden. Men neemt aan dat de collectie van grot 4 de hele breedte van de bibliotheek van Qumran vertegenwoordigt, en gezien de verhoudingen tussen de aantallen gevonden boeken 15lijken Deuteronomium, Jesaja, de Psalmen, de kleine profeten en Jeremia, in die volgorde, hun favorieten geweest te zijn. Binnen één fragment dat een stukje van Daniël 7:28 en 8:1 bevat, gaat de taal over van Aramees naar Hebreeuws.


Grotten 7-10:

De grotten 7-10, die onderzocht werden in 1955, leverden geen belangrijke oudtestamentische handschriften op. Grot 7 bevatte echter wel enige omstreden handschriftfragmenten die door Jose O’Callahan als gedeelten van het Nieuwe Testament zijn geïdentificeerd. In dat geval zou deze het oudste nieuwtestamentische handschrift vormen, al daterend uit 50 of 60 n. Chr.


Grot 11:

Deze grot werd begin 1956 onderzocht. Wat hij opleverde was een goed geconserveerde rol met 36 Psalmen die voorheen alleen bekend waren in het Grieks, een heel mooie rol met een deel van Leviticus, een 16paar grote stukken van een ‘Openbaring van het Nieuwe Jeruzalem’ en een Aramese Targum (parafrase) van Job.

Verscheidene recente studies van de Dode Zeerollen bieden gedetailleerde omschrijvingen en inventarislijsten. Gleason L. Archer jr. geeft een appendix bij zijn boek A Survey of Old Testament Introduction.


Ontdekkingen van Murabba’at: Gestimuleerd door de winstgevende vondsten bij Qumran, zochten de Bedoeïenen verder en vonden ten zuidoosten van Bethlehem grotten die gedateerde handschriften en documenten over de Tweede Joodse Opstand (132-135 n. Chr.) bevatten. Systematisch onderzoek van deze grotten begon in januari 1952. De later gedateerde handschriften waren nuttig voor de vaststelling van de ouderdom van de Dode Zeerollen. Uit deze grotten kwam nog een rol met de kleine profeten, vanaf de tweede helft van Joël tot en met Haggaï, die de Masoretische tekst sterk ondersteunt. Hier werd ook de oudste bekende Semitische papyrus gevonden, een palimpsest, voor de tweede maal beschreven in het oude Hebreeuwse schrift (daterend uit de zevende/achtste eeuw v. Chr.) (zie Barthelemy).

Het belang van de Dode Zeerollen voor de tekstkritiek is af te leiden uit de volgende inzichten van oudtestamentici:

Eerst en vooral voeren de Dode Zeerollen de tekstwetenschapper zo’n duizend jaar verder terug in de geschiedenis dan eerder ontdekte Hebreeuwse handschriften. Vóór de ontdekkingen van Qumran dateerden de oudste complete exemplaren van oudtestamentische boeken van ongeveer het begin van de tiende eeuw n. Chr. Het oudste complete exemplaar van het hele Oude Testament dateerde uit het begin van de elfde eeuw n. Chr. De Dode Zeehandschriften geven dus veel oudere bewijzen voor de tekst van het Oude Testament dan alles wat daarvoor bekend was. (Brotzman, OTTC, 94-95)

Voor de ontdekking van de rollen bij Qumran werden de oudste overgeleverde handschriften gedateerd vanaf rond 900 n. Chr. Sommige handschriften van de Dode Zeerollen, waaronder kopieën van Jesaja, Habakuk, en andere, werden gedateerd op 125 v. Chr., waarmee ze duizend jaar ouder waren dan de daarvoor beschikbare geschriften. De belangrijkste conclusie was dat er geen verschil van betekenis was tussen de Jesajarol van Qumran en de Masoretische Hebreeuwse tekst die duizend jaar jonger was. Dit bevestigt de betrouwbaarheid van onze huidige Hebreeuwse tekst. (Enns, MHT, 173)

Samen met ander overgeleverd materiaal zijn de Dode Zeerollen grensverleggend voor de kennis op het gebied van geschiedenis, godsdienst en gewijde literatuur. (Harrison, AOT, 115)

Er kan geen twijfel over bestaan dat met de Dode Zeerollen een nieuw tijdperk van Bijbelstudie is ingeluid waarin veel dat bekend was, bevestigd zal worden, en veel dat als feit aanvaard was, herzien zal moeten worden. Niet de minste winst ligt erin dat de uiteindelijke reconstructie van een originele voorchristelijke oudtestamentische tekst, die het oude Woord van God begrijpelijker maakt voor zijn moderne lezers, weer dichter bij gekomen is. (Harrison, AOT, 115)

Concluderend moeten we de Masoreten de hoogste lof toekennen voor de uiterste zorgvuldigheid waarmee ze de aan hen toevertrouwde consonanttekst van de Sopherim bewaard hebben. Aan geen enkel oud literair werk in de menselijke beschavingsgeschiedenis, seculier of religieus, is zo volhardend aandacht besteed als aan de Hebreeuwse Schriften, die zo nauwkeurig door hen en door de Sopherim zelf bewaard werden. Zo gewetensvol waren ze in hun rentmeesterschap over de heilige tekst, dat ze het, voor zover het de consonanten betrof, zelfs niet waagden de meest voor de hand liggende correcties aan te brengen, maar hun Vorlage precies zo lieten als ze hun was overgeleverd.

Vanwege hun getrouwheid bezitten we vandaag een vorm van de Hebreeuwse tekst die in alle essenties een duplicaat is van de kritische herziening die gezaghebbend was in de dagen van Christus en de apostelen, zo niet een eeuw daarvoor. En deze gaat op zijn beurt, gezien de bewijzen van Qumran, terug op een gezaghebbende revisie van de oudtestamentische tekst die opgesteld werd op basis van de allerbetrouwbaarste voor tekstvergelijking beschikbare manuscripten uit voorgaande eeuwen. Deze brengen ons in alle essenties bijzonder dicht bij de oorspronkelijke autografen zelf, en bieden ons een authentiek verslag van Gods openbaring. Zoals W. F. Albright gezegd heeft: “We kunnen er zeker van zijn dat de consonanttekst van de Hebreeuwse Bijbel, hoewel niet feilloos, bewaard is gebleven met een wellicht in de hele literatuur van het Nabije Oosten ongeëvenaarde nauwkeurigheid.” (Archer, SOT, 65)


Qumran Manuscripten van de boeken uit het Oude Testament

Qumran Manuscripten ot

© 2009 Stichting Agapè & Josh McDowell Ministries

Optimized by SEO Ultimate