Het vakgebied van de archeologie is onder de natuurwetenschappen nog niet lang in aanzien. Het heeft echter belangrijke bijdragen geleverd op vele gebieden, waaronder de tekstkritiek en de argumentatie voor de betrouwbaarheid van de Bijbel.
Het woord archeologie bestaat uit twee Griekse woorden: archaios, wat “oud” betekent, en logos, wat staat voor “woord, verhandeling, of studie”. Een letterlijke definitie is: “de studie van de oudheid”. Webster definieert archeologie als: “De wetenschappelijke studie van materiële overblijfselen (zoals fossielen, relieken, artefacten, en monumenten) van menselijk leven en menselijke activiteiten in het verleden.” (Merriam Webster’s Collegiate Dictionary, 10e editie, Springfield, Mass.: Merriam-Webster, Inc., 1997) De taak van de archeoloog is dus aan de hand van de overblijfselen van een samenleving reconstrueren wat de artefacten ons vertellen.

De archeologie verschilt totaal van de rest van de moderne wetenschap omdat zij probeert stellingen te bewijzen. De grondaanname bij een modern wetenschappelijk experiment is dat het geldig is wanneer het herhaalbaar is. De archeologie kan haar resultaten echter onmogelijk herhalen. In plaats van harde conclusies trekken kan ze alleen maar gissingen doen over wat ze vindt, tenzij er externe bevestiging is van teksten of andere verslagen. En dit is waar zich in de Bijbelse archeologie een unieke ontwikkeling voordoet. In de negentiende en twintigste eeuw werd de Bijbel afgekraakt door de hogere kritiek. Critici probeerden de fundamenten van de historiciteit van de Bijbel te ondergraven door aan te tonen dat de Bijbel fouten bevat en moet worden aangepast om aan te sluiten bij de “feiten” van de archeologie. De liberale Joodse wetenschapper Nelson Glueck heeft gezegd: “Het is het benadrukken waard dat in al dit werk geen enkele archeologische ontdekking ooit één enkele, juist begrepen Bijbelse bewering heeft tegengesproken.” (Glueck, zoals geciteerd in Montgomery, CFTM, 6) Let erop dat deze opmerking gemaakt werd door een liberale Joodse wetenschapper. Hij is geen christen en toch ziet hij dat de archeologie de Bijbel bevestigt.
Voor de doelstelling van dit boek wordt de archeologie onderverdeeld in bewijs op basis van artefacten en bewijs op basis van documenten. We spreken van bewijs op basis van artefacten als artefacten van een voormalige samenleving een rechtstreeks getuigenis leveren van een Bijbelse gebeurtenis. Bewijs op basis van documenten is afkomstig uit buiten-Bijbelse teksten (geschreven documenten) die de oudtestamentische geschiedenis rechtstreeks of indirect bevestigen. Beide soorten bewijzen zijn archeologisch van aard.



