1B. De joodse traditie

R. H. Pfeiffer schrijft: “Er is geen enkele reden om te betwijfelen dat men de Pentateuch, toen deze rond 400 v. Chr. gecanoniseerd werd, zag als de goddelijke openbaring aan Mozes.” (Pfeiffer, IOT, 133)


1C. Wijsheid van Jezus Sirach, een van de apocriefe boeken, geschreven rond 180 v. Chr., geeft het volgende getuigenis: “Dit geheel is het verbondsboek van God de allerhoogste, de wet die Mozes uitvaardigde tot erfenis van de gemeenschap van Jakob” (Wijsheid van Jezus Sirach 24:23)


2C. De Talmoed, (Baba Batra, 146), een Joods commentaar op de Wet (Thora), daterend uit rond 200 n. Chr., en de Misjna (Pirke Aboth, I, 1) een rabbijnse interpretatie en codificatie van rond 100 v. Chr., schrijven beide de Thora aan Mozes toe.


3C. Ook Philo, de Joodse filosoof en theoloog die rond 20 n. Chr. geboren werd, beschouwde Mozes als de auteur van de Pentateuch: “Maar ik zal … het verhaal van Mozes vertellen zoals ik het geleerd heb, zowel uit de heilige boeken, de door hem nagelaten sublieme monumenten van zijn wijsheid, als van enkelen van de oudsten van het volk.” (Philo, WP, 279)


4C. De eerste-eeuwse Joodse historicus Flavius Josefus schrijft in zijn Tegen Apion (11:8): “Want wij bezitten geen massa’s onsamenhangende, onderling tegenstrijdige boeken (zoals de Grieken), maar slechts tweeëntwintig boeken [onze huidige 39], waarvan terecht wordt aangenomen dat ze goddelijk zijn; en waarvan er vijf van Mozes zijn, die zijn wetten bevatten…en de overleveringen van de oorsprong van de mens, tot aan zijn dood.” (Josefus, WFJ, 609)


© 2009 Stichting Agapè & Josh McDowell Ministries

Optimized by SEO Ultimate