4B. Abba – Vader

Michael Green schrijft in zijn boek Runaway World dat Christus

stelde dat Hij een relatie met God had waarop nooit eerder door iemand aanspraak gemaakt was. Dat blijkt in het Aramese woord Abba dat Hij zo graag gebruikte, vooral in zijn gebed. In de hele geschiedenis van Israël was er niemand vóór hem geweest die God met dit woord had aangesproken…Zeker, de Joden waren gewend tot God als Vader te bidden: maar het woord dat zij gebruikten was Abhinu, een aanspreekvorm die in wezen een beroep op God om genade en vergeving was. Er klinkt geen enkel verzoek om genade door in Jezus’ aanspreektitel voor God, Abba. Het is het gebruikelijke woord voor de nauwste intimiteit. Dat is de reden waarom Hij verschil maakte tussen zijn eigen relatie met God als Vader en die van andere mensen. (Green, RW, 99-100)

Het is interessant dat zelfs David, hoe dicht hij ook bij de Vader stond, niet tot God sprak als Vader maar zei: “Zo… als een vader… zo …is de Heer” (Psalm 103:13). Jezus gebruikte wanneer Hij bad juist dikwijls het woord “Vader”. “Natuurlijk begrepen de Farizeeën de betekenis hiervan. Ze klaagden Hem aan wegens godslastering (Johannes 5:18), omdat Hij ‘…bovendien God zijn eigen Vader noemde, en zichzelf zo aan God gelijkstelde’ (Johannes 5:18). En inderdaad, tenzij Hij aan God gelijk was, waren zijn woorden godslasterlijk.” (Stevenson, TTG, 97)


© 2009 Stichting Agapè & Josh McDowell Ministries

Optimized by SEO Ultimate