3B. Suetonius

Suetonius, een andere Romeinse historicus, werkzaam aan het hof van Hadrianus, en kroniekschrijver van het keizerlijk huis, stelde in zijn Leven van Claudius 25.4: “Aangezien de Joden voortdurend opschudding veroorzaakten op instigatie van Chrestus, [een andere schrijfwijze voor Christus] verbande hij [Claudius] hen uit Rome.” Lucas verwijst naar deze gebeurtenis, die plaatsvond in 49 n. Chr., in Handelingen 18:2.

In een ander werk schrijft Suetonius over de brand die in 64 n. Chr., tijdens de regering van Nero, door Rome raasde. Suetonius vertelt dat “er door Nero straf geoefend werd aan de christenen, een groep mensen die een nieuw en verderfelijk bijgeloof aanhingen.” (Suetonius, Leven van de keizers, 26.2)

Aangenomen dat Jezus gekruisigd werd aan het begin van de jaren 30, plaatst Suetonius – geen vriend van het christendom – de christenen nog geen twintig jaar later in de keizerlijke stad en vertelt dat ze leden en stierven omwille van hun overtuiging dat Jezus Christus werkelijk geleefd had, gestorven was, en was opgestaan uit de dood.


© 2009 Stichting Agapè & Josh McDowell Ministries

Optimized by SEO Ultimate