2C. Ignatius

Op weg naar zijn terechtstelling in Rome schreef Ignatius, de bisschop van Antiochië, zeven brieven – zes aan verschillende kerken en de zevende aan zijn vriend Polycarpus. De volgende drie heel duidelijke verwijzingen naar de historische Jezus zijn karakteristiek voor zijn overige opmerkingen:

- Jezus Christus, die was uit het geslacht van David, die de Zoon van Maria was, die werkelijk geboren werd en at en dronk, werkelijk vervolgd werd onder Pontius Pilatus, werkelijk gekruisigd werd en stierf voor de ogen van hen die in de hemel en op aarde en onder de aarde zijn; die bovendien werkelijk werd opgewekt uit de dood door zijn Vader, die op gelijke wijze hen zal opwekken die in Hem geloven. (Tralles, 9)

- Hij is werkelijk uit het geslacht van David naar het vlees, maar Zoon van God door de goddelijke wil en macht, werkelijk geboren uit een maagd en gedoopt door Johannes, zodat alle gerechtigheid door Hem vervuld zou worden, werkelijk in het vlees ter wille van ons vastgenageld onder Pontius Pilatus en Herodes de viervorst (waarvan wij de vrucht zijn – dat wil zeggen, van zijn zeer gezegende lijden); zodat hij voor alle eeuwen een banier zou opheffen door zijn opstanding. (Smyrna, 1)

- Wees ten volle van overtuigd van de geboorte en het lijden en de opstanding, die plaatsvonden onder het gouverneurschap van Pontius Pilatus; want deze dingen zijn werkelijk verricht door Jezus Christus onze hoop. (Magnesia, 11)

Ignatius, die volgens de christelijke overlevering een volgeling van Petrus, Paulus, en Johannes was, was duidelijk overtuigd dat Jezus werkelijk geleefd had en dat Hij alles was wat de apostelen over Hem zeiden. (McDowell/Wilson, HWAU, 79)


© 2009 Stichting Agapè & Josh McDowell Ministries

Optimized by SEO Ultimate